Kennard van der Tas had voor zijn eerste Humanagement-klus Rob Jetten als opdrachtgever en ontving voor zijn laatste opdracht instructies van Hugo de Jonge en Mark Rutte (via de televisie, dat wel). Hoe gaat het nu met Kennard? Hij dacht lange tijd dat hij niet ambitieus genoeg was, maar leerde dat je niet bang moet zijn om kansen te pakken. Inmiddels is hij ondernemer.

In welke periode was je werkzaam voor Humanagement?
“Na mijn studie facility management in Rotterdam bleef ik eerst drie jaar hangen bij het Erasmus MC, daar deed ik mijn afstudeerstage. Vervolgens heb ik de switch gemaakt en ben ik voor een bouwbedrijf van vrienden gaan werken. Interessant, want vanuit mijn opleiding wist ik dat geen enkel bouwproject ooit helemaal goed gaat. Wat is daar dan de oorzaak van, en kan dat niet beter? Als een soort bedrijfsleider kwam ik veel dichter op de bouw te zitten, wat bijzonder leerzaam en fascinerend was. Maar het facilitaire bloed kroop toch waar het niet gaan kon, en via een studiegenootje kwam Humanagement in 2015 op mijn pad. Bij het voorstelrondje tijdens het eerste gesprek met Sandra en Maybrit floepte Sandra eruit dat ze een hond had. Daarna voelde Maybrit zich denk ik genoodzaakt ook een persoonlijke noot toe te voegen. En ja, zij had ook een hond. Daarna was de beurt aan mij. ‘Ik ben Kennard en ik heb géén hond’. Het ijs was gebroken, iedereen lag dubbel en de rest van het gesprek voelde echt als een match made in heaven. Zo is het al die tijd, tot 2023, blijven voelen. Na een monsterklus bij de GGD kwam ik op een keerpunt in mijn carrière. Ik voelde dat ik die opdracht nooit meer ging overtreffen en dat ik rijp was voor het ondernemerschap.” 

 Wat doe je nu?
“De vervolgstap werd een eigen onderneming, Inkore, samen met een partner. Momenteel doe ik daarvoor een opdracht bij het Centraal Bureau Rijvaardigheid. Hun hoofdkantoor zit in Rijswijk, op steenworp afstand van het kantoor van Humanagement. Ik loop daar zo naartoe voor een bilateraal met Maybrit, want het is echt nog steeds ouwe-jongens-krentenbrood. De uitdaging voor het CBR is groot. Voorheen zaten praktijk- en theorielocaties vaak op dezelfde plek. Nu worden die functies ontvlecht: theorielocaties komen dichter bij stations en winkelcentra, terwijl rijvaardigheidslocaties juist naar de periferie verhuizen.” 

Wat was de grootste uitdaging in je carrière?
“Dat was absoluut de interimopdracht bij de GGD Utrecht, midden in de coronaperiode. Ik maakte toen meer dan tachtig uur per week met het op poten zetten van massale testlocaties. Aanvankelijk draaide de opdracht om een nieuwe locatie voor het hoofdkantoor. Toen de tweede coronagolf zich aandiende, verschoof de focus volledig door de snelle groei van 2.500 naar bijna 8.000 medewerkers. Er moest worden opgeschaald. We creëerden de eerste coronaloopstraat in de Jaarbeurs, naderhand volgden paviljoenen die je in twee dagen moest inrichten, in een provincie die uit 26 grote gemeenten bestaat. Later kwamen daar ook nog eens de vaccinatielocaties bij. Kenmerkend voor die periode was dat we op basis van wat Hugo de Jonge en Mark Rutte op de persconferenties vertelden, wisten wat er op ons bord lag. Het waren tropenjaren – het voelt alsof ik er wel tien jaar heb gewerkt – maar ik had het voor geen goud willen missen.”

Welke klus vergeet je nooit meer?
“Logischerwijze de GGD, maar mijn eerste opdracht bij ProRail, met Jaap Rog, is minstens zo memorabel. Ik heb zo veel van hem geleerd, ook al ben ik een heel ander type. Als jong broekie werd ik enorm vrijgelaten, maar op het juiste moment was er ook ondersteuning. Een van mijn projectopdrachtgevers was toen Rob Jetten, op het regiokantoor Zwolle.”

En de leukste anekdote?
“Leuke en geestige momenten in overvloed, maar ze ontstaan wel altijd in het moment. Het zijn dan ook meer ‘je had erbij moeten zijn’-ervaringen dan dat ze op papier goed overkomen. Maar de grootste glimlach krijg ik als ik terugdenk aan die middag toen Gerard en ik besloten om eigenhandig een scrumbord in elkaar te flansen. Buurman & Buurman, met pianoscharnieren, magneten en krijtverf. Een klein wonder dat nog lukte ook: het product was oké, maar de weg ernaar toe een grote knoeiboel.”

Welke levensles wil je meegeven aan anderen?
“Grijp de kansen als ze voorbijkomen en laat je niet tegenhouden door twijfel of je het wel kunt. Durf fouten te maken en je buiten je comfortzone te bewegen. Want wat is nu het ergste wat je kunt overkomen?”

Wat heeft Humanagement je gebracht?
“De kans mezelf te ontwikkelen en ook echt met die ontwikkeling bezig te zijn. Bij Humanagement is coaching meer dan een woord. Dankzij de kennissessies en de intervisies ontwikkel je je samen met collega’s, en dat is allesbehalve vanzelfsprekend bij interimbureaus. Alles wat ik nu aan stakeholdermanagement doe, heb ik van Maybrit en Gerard geleerd. Dat leer je niet uit een boekje.”

En last but not least, heb je nog steeds geen hond?
“Helaas niet. Maar wel een hamster en bovenal drie schatten van kinderen waar we onze handen vol aan hebben.”